Van overspannenheid tot burnout

Je geeft je in je werk of gezin voor 120%. Want dat hoort, vind je. Het moet goed zijn en af, voor minder doe je het niet. En laten we eerlijk zijn, de complimenten en lof die je daarvoor krijgt, vind je ook prettig.

Maar opeens is wat je geeft niet meer voldoende. Misschien heb je een andere chef gekregen of wordt er gereorganiseerd. Misschien komt er juist extra veel werk jouw kant op. Misschien zijn de omstandigheden veranderd. Is er thuis een langdurige zieke, een tweede kind, een zware verbouwing. Misschien sta je, wellicht ongemerkt, anders in het leven. Of kost datgene wat je moet doen veel meer energie dan je gewend was en wil je dat niet weten.

In ieder geval, je raakt gefrustreerd en gestresst. Want het lijkt wel of je je nu voor 130% moet geven terwijl het resultaat niet anders is. Tegelijk ook is er meer irritatie terwijl complimentjes uitblijven. Misschien voel je je schuldig dat het niet gaat zoals je dat wilt. Of ben je boos.

Je kaart je problemen aan maar het levert niets op, niemand luistert. Je houdt daarom maar je mond. Na nog meer hard werken, frustratie en stress, besef je dat je in een negatieve spiraal zit. Toch kun je niet stoppen.

Dan, na een tijdje, vaak opgedrongen in de vorm van een conflict of ziekte, klap je in elkaar en heb je je burnout - je bent letterlijk uitgebrand.

Mismatch

De oorzaak van een burnout is in essentie een mismatch tussen wat je wilt en vindt dat je moet doen enerzijds en wat je kunt geven anderzijds.

Deze mismatch zorgt in een omgeving waar een (te) groot beroep op je wordt gedaan of waar je bovenmatig kunt presteren zonder dat daar grenzen aan worden gesteld, voor (te) veel spanning. Als je dan ook nog iets doet wat je uitput, boven je macht is, of waarbij waardering uitblijft, is je burnout in de maak en kun je erop wachten.

Hoe langer je met deze mismatch doorloopt, des te sterker beschadig je jezelf. Want een overstressed lichaam maakt zijn eigen depressie, lethargie, desillusie en gespletenheid. Op een dag kan je lijf het niet meer aan, zit je psychisch teveel in de knoop, en heb je je burnout.

Achtergrond

Een definitie van burnout (Hoogduin ea, in Behandelingsstrategieën bij Burnout) luidt: een burnout is een psychische uitputtingstoestand ten gevolge van de verstoring van de energiebalans.

In essentie is een burnout een combinatie van op een verkeerde manier omgaan met overmatige stress. Met als kernbegrippen moeten en zo hoort het.

Het fenomeen is van alle tijden maar kwam de laatste decennia sterk in de belangstelling door een toename van het aantal mensen met burnout-klachten.

De reden hiervoor is waarschijnlijk de andere manier van organisatie van de arbeid in vergelijking met vroeger, in combinatie met de maatschappelijke nadruk op presteren en scoren.

Mensen die een burnout krijgen hebben vaak iets grenzeloos. Ze zijn misschien heel makkelijk in het accepteren van wat een ander hen vraagt, en wellicht heel streng in wat hoort en wat niet. In wat ze zelf moeten kunnen. Of ze vinden dat het belang van de ander altijd voor dat van henzelf gaat.

Hoewel een burnout formeel, volgens de DSMIV gesproken, een stoornis is, is het dat beslist niet. Het zit, zoals weleens wordt gezegd, gewoon tussen de oren.

Klassieke profielen

Misschien wel het bekendste profiel is dat van iemand van rond de vijfendertig, twee jonge kinderen, net verhuisd en het nieuwe huis in de verbouwing, ambitieus, op het werk wordt gereorganiseerd terwijl een collega ziek thuis zit.

Als daar dan nog iets bij komt wat veel energie kost, zoals ziekte van een kind of partner, trekt die persoon het simpelweg niet meer en klapt hij of zij in elkaar.

Een ander klassiek profiel is dat van iemand eind veertig, begin vijftig die nog van alles doet en wil, maar zich niet realiseert - of zich niet wil realiseren - dat hij of zij een dagje ouder is geworden en dat wat hij wil of op zijn bord heeft liggen, gewoonweg fysiek niet meer aankan.

Tweede en derde burnout

Het komt voor dat mensen voor een tweede of zelfs een derde keer een burnout krijgen. Dat ze niets hebben geleerd van de voorgaande keren. Helemaal fout.

Want realiseer je wel dat je van elke volgende burnout moeilijker herstelt, en dat elke volgende burnout een nieuwe aanslag is op je lichaam en fysieke welzijn. Het vermogen van je lichaam om energie 'te leveren' wordt elke keer minder. Je wordt gewoon vroeger oud.

Er vanaf komen

Je kunt van een burnout af komen. Daarbij moet je wel op twee fronten tegelijk werken: de psychische klacht en de overstress die een klap voor je lijf is geweest.

Voor het eerste gaat het daarbij om inzicht krijgen in de achterliggende motieven en gedragspatronen. Wat betreft de overstress is het belangrijk dat je leert op regelmatige basis te ontstressen.

Het komt erop neer dat je leert anders om te gaan met je lijf, en leert luisteren en voelen waar de grenzen van je fysieke en psychische kunnen liggen. Als mensen dat echt willen, krijgen ze dit voor elkaar. Wel kom je fysiek gesproken nooit meer helemaal terug op je oude energieniveau.

Soms is een element in het krijgen van een burnout dat de betreffende persoon het lastig vindt om zich te begrenzen en nee te zeggen tegen degenen die hem vanalles vragen.

In dat geval kan het zinnig zijn om naast de begeleiding een-op-een, een assertiviteitstraining te volgen.

Let op

Een burn-out is geen psychiatrisch probleem. Wanneer je dus naar een psychiater of psycho-therapeut wordt verwezen, zit je daar niet op je plek.

De psychiater of psychotherapeut gaat op je burn-out het label depressieve stoornis plakken en er ook een langdurige behandeling gericht op het verminderen van depressiviteit op loslaten. Dat is onnodig en zelfs contra-productief. Het label depressieve stoornis blijft de rest van je leven bij je.

Burn-out is een psycho-somatisch probleem in de werksfeer: je hebt te lang roofbouw op jezelf gepleegd en je energie is op. Wat je nodig hebt is een psycholoog of psycho-sociaal therapeut, die helpt je er in drie tot zes maanden weer bovenop.