Binding en hechting

Binnen relaties is het vermogen van de partners om zich te binden en hechten en dat dan vervolgens ook daadwerkelijk vorm te geven, misschien wel datgene wat een relatie maakt of breekt.

Kan een van de partners zich maar moeilijk binden of hechten, dan is de relatie gedoemd vroeger of later in zwaar weer te geraken of te mislukken. Missen beide partners deze kunde, dan is zelden sprake van een stabiele relatie en heeft ze, op langere termijn, slechts een kleine kans van slagen.

Je binden betekent dat je een relatie met een ander aangaat waarbinnen wederzijds ruimte is voor positieve en negatieve gevoelens, en positief en negatief gedrag; de relatie spat niet uit elkaar als het even te heftig wordt.

Je hechten gaat verder waar jezelf binden ophoudt. Je stelt je kwetsbaarder op en de relatie krijgt meer diepte. Een goed gehechte relatie is er een waarbij de partners door dik en dun voor elkaar gaan, die vanzelfsprekend is en alles overleeft. De voorwaardelijkheid is uit de relatie verdwenen: het is zoals het is, en dat is oké.

Een definitie: jezelf hechten is je op positieve en onbaatzuchtige wijze zodanig met de ander verbinden, dat de binding door beiden als gegeven en natuurlijk wordt ervaren.

Het typische aan jezelf binden en hechten is dat je daartoe zelf moet besluiten en het vervolgens ook nog eens moet doen. Niemand kan het voor jou beslissen, laat staan aangaan.

- En in die gevallen waarin dat wel gebeurt, waarin er wel enorme push naar een partner is om zich te binden, zie je relaties die zich zeer ongelijkwaardig en onevenwichtig ontwikkelen. -

Problemen rondom binding en hechting

Een belangrijk punt, tevens het meest kardinale, is dat niet iedereen zich even goed kan hechten.

Bowlby, een eminent wetenschapper op het vlak van de psychologie, onderzocht dit uitgebreid in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Zich hechten, zichzelf op een veilig gevoelde wijze permanent met een of meerdere anderen verbinden, leren mensen vooral in de eerste jaren van hun leven, in de relatie die ze met hun ouders hebben, en van deze twee dan vooral de moeder.

Onveilig gehechte kinderen ontwikkelen gedragspatronen om dat onveilige te compenseren, waaronder onder meer een patroon van minimale en afwerende hechting. En later, wanneer deze kinderen, nu jong-volwassen, in relaties stappen, zetten ze dat patroon voort en hechten zich niet of nauwelijks, of enkel maar oppervlakkig en voor de schijn.

Meestal geldt dit alle relaties die ze aangaan, soms enkel de persoonlijke, intieme relaties, soms vooral de minder persoonlijke relaties, de relaties die in de buitenwereld worden aangegaan.

Het duidelijkst zie je de hechtingsproblemen bij al die jongeren uit gebroken gezinnen in de achterbuurten, zoals je die wel ziet in de Amerikaanse TV-series: losgeslagen, zonder enige wil en kunnen om zich langdurig en evenwichtig met een ander te verhouden. In de Nederlandse kontekst kun je, bijvoorbeeld, denken aan de gebroken allochtone een-oudergezinnen, waarbinnen jongeren alle houvast kwijt lijken te zijn.

Man en vrouw varianten

Gelet op hoe man en vrouw, gemiddeld genomen, in elkaar steken, kom je hechtingsproblemen, gemiddeld genomen, vaker bij mannen dan bij vrouwen tegen. Menig man is, zeker in zijn jonge jaren, onderontwikkeld op dit vlak; wordt het hem te lastig, dan heeft hij de neiging, letterlijk, van de problemen weg te lopen.

Als er bij vrouwen sprake is van hechtingsproblemen, betreft het relatief vaak de variant dat ze zich té zeer hechten - vastklampen - aan de ander, en al panisch worden bij het idee dat de ander kàn weggaan. Wanneer er kinderen worden geboren, wordt de overdreven hechting meestal op hen overgedragen. Terwijl de man, die immers nu ineens op de tweede of zelfs derde plaats komt, zich vervolgens eenzaam en verlaten voelt.

Ticket van de relatie

Realiseer je goed dat er ook relaties ontstaan juist omdat de partners-in-spé beiden problemen rondom binding en hechting ervaren, en dat bij elkaar op (onbewust) niveau herkennen.

Deze gemeenschappelijkheid, dit gedeelde thema in de relatie, het ticket van de relatie zoals ik dat noem, geeft in het begin veel warmte, veiligheid en herkenning, maar breekt later, verderop in de relatie, wanneer de verliefdheid voorbij is, de partners nogal op: beiden ervaren ze een teveel aan onveiligheid omdat ze niet goed meer weten wat ze aan elkaar hebben en zich continu voelen afgewezen door de ander.

Oplossingen

Hoewel hechtingsproblemen op het persoonlijke niveau over het algemeen milder van aard worden naarmate iemand ouder wordt, kunnen mensen ze zelden in hun eentje oplossen, laat staan wanneer dit in een relatie speelt.

Dus, wanneer je vermoedt dat hechtingsproblemen een rol in je relatie spelen, ga naar een goede relatietherapeut. Je zult er beslist niet slechter van worden.

Herkennen van problemen

Voor een leek is het niet altijd eenvoudig hechtinsproblemen te onderscheiden van andere problemen. Van een beetje psycholoog of therapeut mag dat echter wel worden verwacht.

Kenmerk van de niet goed gehechte relatie is minimaal de instabiliteit ervan. Dikwijls ook gaat ze alle kanten op - hoge pieken, diepe dalen - terwijl tegelijkertijd de partners weinig gemeenschappelijks lijken te delen.

Ook zie je wel relaties waarbij de partners bij voorkeur aan de oppervlakte blijven, dat het lijkt of ze bang zijn voor diepgang (want daar is het eng), en dus in feite een zakelijk relatie in stand houden, wat op den duur uiteraard veel teleurstelling en irritatie oproept.

Een derde variant is de vechtrelatie, waarbij continu geruzied over wie boven en wie onder ligt. De hechtingsproblematiek druipt er in dit soort gevallen bijna letterlijk vanaf. De vierde variant, waarbij (meestal) de vrouw uitermate claimend is, heb ik hiervoor beschreven.