12 tips voor een gelukkige relatie

Een goede relatie ontstaat niet vanzelf en blíjft ook niet vanzelf goed want partners moeten er bewust iets voor doen.

Daar bedoel ik mee dat ze de liefde die ze voor elkaar voelen, bewust vertalen naar gedrag en houding, zodat er voor beiden een vruchtbare, tot tevredenheid stemmende relatie ontstaat.

Hierna vind je twaalf basale regels inzake gedrag van partners zonder welke een liefdevolle relatie nauwelijks denkbaar is.

1. Zweer het idee af dat alles spontaan moet gaan

Als er iets maakbaar is in het domein van de mens is dat een relatie. Een goede relatie hebben, er voor de ander zijn en van de ander houden, kun je, nee móet je leren. Net zoals je fietsen heb geleerd of het hebben van goede seks.

Spontaniteit in relaties is als het toetje na de maaltijd, het is extra, en niet de hoofdmaaltijd zelf.

Een goede relatie is vooral werken, werken aan de interactie en aan de verstandhouding met elkaar. Snappen hoe de ander in elkaar steekt en onduidelijkheden uit de weg ruimen. Begrip hebben voor elkaar en dat praktisch invullen. Verantwoordelijkheid nemen en lief zijn naar elkaar.

2. Gebruik de kritiek die je van je partner krijgt

In al die kritiek die je partner naar jou heeft, zitten geheid kernen van waarheid verstopt. Ook al ben je het er niet mee eens of vind je het grote onzin, neem het voor wat het is en haal er uit wat je kunt gebruiken.

Vraag je partner de vijf belangrijkste punten van kritiek op jouw gedrag concreet te maken en genummerd naar belangrijkheid op een half A-viertje te schrijven.

Leer die punten uit je hoofd en ga bij jezelf na waarin je je gedrag zonder al teveel moeite kunt bijstellen danwel veranderen of aanpassen, en doe dat dan vervolgens ook. Ga over de punten die voor jou moeilijker liggen in onderhandeling met je partner en kom tot een compromis.

3. Draag je deel bij en concentreer je hierin op het heden

Een relatie is ook, en misschien wel vooral een onderneming waarin van alles moet worden geregeld en gedaan. Stem af met je partner en neem hierin je deel, en draag daar dan vervolgens verantwoordelijkheid voor.

Het heeft ook weinig zin om je partner van alles te beloven en dat dan vervolgens niet te doen of continu uit te stellen.

4. Ga ruzies en conflicten niet uit de weg

In elke relatie komen ruzies en conflicten voor. Dat is goed want ze hebben een belangrijke functie: in ruzies en conflicten komt naar voren waar ieders grenzen, voorkeuren en allergieën liggen. Wanneer je daar geen zicht op hebt, is het niet goed mogelijk compromissen te sluiten die stand houden.

Wantrouw het wanneer jullie nooit of maar zelden conflicten hebben, dit is een indicatie dat jullie van alles onderdrukken, in ieder geval negatieve emoties. Leer in dat geval uitspreken wat je dwarszit en conflicten met je partner aangaan. Heel nuttig.

5. Laat ruzies en conflicten niet in destructie ontaarden

Houd bij het ruziën en uitknokken van conflicten de volgende gouden regels in het achterhoofd:

- Vecht ruzies niet tot het bittere einde uit.
- Ga liever voor je geluk dan voor je gelijk.
- Leg ruzies altijd bij voordat je gaat slapen.

Ken in hoe jullie ruziën de zwakke plekken van je partner en jezelf. Indien jullie sterren zijn in het laten ontploffen van de situatie: leer tot tien tellen en je op tijd terug te trekken uit de ruzie. Zijn jullie daarentegen van het type dat gaat zwijgen en zich op zichzelf terugtrekt en dat zo dágen volhoudt: doorbreek dit en maak het goed met elkaar.

Besef dat goedmaken niet hetzelfde is als de schuld op je nemen of erkennen dat je fout zit. Goedmaken betekent dat je laat zien dat je weer een prettig en normaal contact wilt hebben met je partner ondanks dat jullie ruzie hebben.

6. Leer naar waarschuwingssignalen luisteren

Veel mensen, de meeste waarschijnlijk, gooien het er niet meteen uit als ze ergens mee zitten. Integendeel, meestal kroppen ze het op - totdat het natuurlijk te laat is.

Maar in dit proces, in de aanloop tot het ontploffen of ongenuanceerd eruit gooien, kun je dikwijls, als je goed luistert en kijkt, al merken dat er iets speelt bij je partner.

Leer daarom jezelf gevoelig te zijn voor stemmingen en uitingen bij de ander waarin de kwetsing of boosheid besloten zit, en het op je te nemen dat op een lieve manier te onthullen. Leer jezelf je partner lezen.

- Voorwaarde is natuurlijk wel dat je wilt luisteren en kijken, en niet net doet alsof er niets is terwijl je vermoedt dat dit wel zo is.

7. Accepteer verschil van mening

Het is onzin om te denken dat partners altijd een gelijkluidende mening over iets moeten hebben. Respecteer daarom de mening van je partner, ook al vind je het grote nonsens, dom, of van minder waarde dan je eigen mening. Laat je partner in zijn of haar waarde.

8. Benoem het verdriet achter de boosheid

Meestal zijn mensen boos vanuit frustratie, omdat ze zich gekwetst voelen of niet gezien. Ga daarom na, wanneer je merkt dat je boos bent, waarin je je dan gekwetst voelt of waarom je verdrietig bent. En benoem dit dan vervolgens tegenover je partner, in plaats van een vette ruzie te beginnen of alles op te potten en te wachten totdat de emmer overloopt.

Uiteindelijk is het voor de ander makkelijker verdriet te delen dan boosheid. - De impliciete beschuldiging die in de boosheid zit, dat jij schuldig bent aan de misère van de ander, is vervangen door een beroep op empathie en mededogen. De meeste mensen vinden dit veel makkelijker te geven.

9. Check geregeld of alles naar wens gaat

Controleer geregeld bij je partner of hij/zij vindt dat alles naar wens gaat, of je het goed doet als partner. Vraag terugkoppeling op je gedrag en accepteer dat dan ook als zodanig. Ga niet in discussie, zoek hooguit verduidelijking.

Ga ook geregeld in de schoenen van je partner staan en kijk vanuit die positie naar jezelf, naar wat je doet. Bevalt het wat je ziet? Moet je wat schuiven? Kun je wat schuiven?

Controleer ook of er wat aan de hand is wanneer je het vermoeden hebt dat dit zo is. Check beter te vaak dan te weinig, en doe niet alsof er niets aan de hand is terwijl je vermoedt van wel.

10. Maak bewust tijd voor elkaar

Maak bewust tijd voor elkaar en besteedt die dan ook met en aan elkaar. Het gaat daarbij niet om wat je doet, maar om het samenzijn. Realiseer je dat in onze samneleving tijd een heel kostbaar goed is. Gun het daarom je partner en je relatie, niet iets anders.

Richt je daarbij naar de wensen van je partner en breng zelf ook iets in wat het het samenzijn op positieve wijze beïnvloedt. Doe de ander een plezier vanuit de gedachte: hoe en waarmee maak ik jou gelukkig?

11. Compenseer je zwakheden

Mensen zijn in diepste wezen meer introvert dan extravert, of omgekeerd. Daarvan afgeleid heb je een bepaalde voorkeursstijl in gedrag: van mensen af of naar mensen toe.

Deze voorkeursstijl is jouw partner ook bekend en in zekere zin vind hij (zij) die aantrekkelijk. Er is echter meestal een grote maar: zelden altijd.

Ben je meer introvert dan extravert, dan zullen veel van de klachten van je partner erover gaan dat je je té makkelijk terugtrekt uit contacten of die niet of nauwelijks aangaat. Bij extraverte personen is dit juist andersom.

Evenzo gaat dit verhaal op voor de oriëntatie inzake wel of niet bezig zijn. Mensen zijn meer actief dan passief, of juist omgekeerd. Veel klachten van je partner zullen daarop betrekking hebben dat je te weinig initiatieven ontplooit en je afhankelijk opstelt, danwel juist te dominant aanwezig bent en alles naar je toe trekt.

Voor zowel het introverte - extraverte verhaal als het actief - passief verhaal geldt dat je je posities in deze dient te kennen en, zonodig, in zekere mate bijstelt wannneer de relatie dat vraagt.

Excuses dat je nu eenmaal zo in elkaar steekt zijn ten dele wel juist maar niet toereikend. Dat is gewoon slappe hap. Werk aan die kanten die bij jou zo matig ontwikkeld zijn, en steek je nek uit.

12. Verbeter je communicatie

Op het vlak van de communicatie tussen partners valt er meestal ontzaglijk veel te verbeteren.

De meeste mensen communiceren in feite op een nogal aanmatigende, egocentrische wijze, vanuit het idee dat ze de wijsheid in pacht hebben en dat de ander sowieso veel te leren heeft. Hieronder twaalf basale communicatieregels.

- Begin je zinnen zoveel mogelijk met ik. Je, het of men gebruiken schept afstand en stoort. - Ik vind dit leuk. Ik hoop dat het meevalt. Ik doe onhandig (in plaats van: ja, onhandig zijn hè, je kunt dat zo hebben, hè).

- Houd je zinnen kort en concreet. Schrap alle overbodige woorden zoals: op zich, zou je zeggen, een beetje, als het ware, zogezegd, niettemin, ja maar, eigenlijk, in feite.

- Haal tegenstrijdigheden uit je communicatie. Dat wat je zegt, laat zien en doet, dient overeen te stemmen. - Ik vind je aardig zeggen terwijl je boos naar de grond, werkt niet goed.

- Wees duidelijk in wat je zegt. - Ik baal hiervan zeggen in plaats van dit lijkt me vervelend maakt verschil in een gesprek. Verduidelijk ook wat je zegt wanneer er kans is dat de ander jou verkeerd begrijpt.

- Beluister de ander en datgene wat hij zegt onvervormd. Zet je vooroordelen opzij en stel je in de plaats van die ander om beter zicht te krijgen op wat er gezegd wordt.

- Stel alleen echte vragen. Vragen die iets suggereren (jij hebt daar zeker plezier in, toch?) of afkeuring uitdrukken (wat heb je nóu weer gedaan!) zijn geen vragen en bemoeilijken de ander adequaat te reageren.

- Test of je begrepen hebt wat de ander zegt door wat je gehoord hebt te parafraseren of te herhalen. - Begrijp ik het goed dat. Geef een signaal dat wat de ander zegt is overgekomen. - Ok of Ja, ik begrijp het.