Louis-Ferdinand Céline

Louis-Ferdinand Céline (Frankrijk 1894 - 1961) is een grote Franse schrijver, beroemd geworden om zijn nihilistisch en misantropisch werk en de vorm die hij dat werk gaf.

Hieronder een stuk uit Reis naar het einde van de nacht uit 1932. Zonder enige twijfel zijn beste werk en een van de machtigste romans uit de wereldliteratuur.

Illustraties zijn van de hand van Tardi uit de uitgave van begin jaren '80.

Reis naar het einde van de nacht Tardi

Jonge mensen hebben altjd zo'n haast om een nummertje te gaan maken, ze zijn vreselij gejaagd om zich op alles te werpen waarvan beweerd wordt dat je er zo'n lol van hebt, dat ze niet kieskeurig zijn als het om hun gevoelens gaat.

't Zijn reizigers die alles vreten wat ze voorgezet krijgen in het stationsbuffet, tussen twee fluitsignalen in. Als die jonge mensen ook nog de gebruikelijke twee of drie smoesjes tot hun beschikking hebben waarmee ze hun inleidend praatje , voordat ze gaan vozen, kunnen vullen, dan is dat voldoende, dan zijn ze helemaal gelukkig. De jeugd is gauw tevreden, om te beginnen komen ze op bevel klaar, waar of niet!

Je hele jeugd voert je uiteindelijk naar een verrukkelijk strand, aan zee, waar de vrouwen eindelijk vrij lijken en waar ze zo mooi zijn dat wij ze in onze bedrieglijke dromen niet mooi meer hoeven te maken. tardi

Maar als het dan winter wordt, kost het je natuurlijk moeite om terug te gaan naar huis, om tegen jezelf te zeggen dat het afgelopen is en het eerlijk toe te geven. Je zou er nog willen blijven, ondanks de kou en je leeftijd, je hebt nog hoop. Begrijpelijk. We zijn stuitend. Je moet het maar niemand kwalijk nemen. Klaarkomen en geluk voor alles. Zo denk ik erover.

En trouwens, wanneer je je voor andere mensen gaat verbergen, betekent het dat je bang bent je met ze te amuseren. Goed beschouwd is dat ook een ziekte. Je zou er 's achter moeten komen waarom we ons toch zo in onze eenzaamheid vastbijten. Een of andere knaap, die ik tijdens de oorlog in het hospitaal ontmoet heb, een korporaal, had me wel eens verteld over zulke gevoelens. Jammer dat ik die jongen nooit meer teruggezien heb!
tardi

'De aarde is dood, had hij me uitgelegd ... En we zijn niets anders dan wurmen erop, wurmen op zijn grote gore kadaver, die de hele tijd van zijn ingewanden vreten en niets anders binnenkrijgen dan zijn gif... Er valt niets met ons te beginnen. We zijn al helemaal verrot bij onze geboorte... Zo zit dat.'

Maar dit neemt niet weg dat die denker op een avond als de donder mee moest naar de vesting, wat bewijst dat hij nog wel goed genoeg was om gefusilleerd te worden. Ze waren zelfs met n tweeën, de smerissen die hem meenamen, een grote en een kleine. Ik herinner me het nog precies. Een anarchist hadden ze hem voro de krijgsraad genoemd.

Jaren later, als je er weer aan terugdenkt, zou je de woorden die sommige mensen gezegd hebben, graag willen achterhalen en ook de mensen zelf, om ze 's te vragen wat ze er eigenlijk mee bedoeld hebben... Maar ze zijn voorgoed weg!... We waren niet ontwikkeld genoeg om ze te begrijpen... We zouden alleen maar eens willen weten of ze sindsdien misschien niet van mening veranderd zijn... Maar het is onherroepelijk te laat... 't Is afgelopen!... Niemand weet meer iets van ze.

Je moet dus helemaal alleen je weg vervolgen, in de nacht. Je bent je echte maats kwijt. En je hebt ze niet eens de goeie, de enige vraag gesteld, toen het nog kon. In de tijd dat je samen met ze optrok begreep je het nog niet. Nu ben je verloren. Natuurlijk, je bent ook altijd te laat. 't Zijn allemaal spijtgevoelens waar je geen moer mee opschiet.

Ferdinand-Louis Céline, Reis naar het einde van de nacht, vert. van: Voyage au bout du monde 1932, vertaling: E.Y. Kummer, Van Oorschot 1989.
tardi

Louis-Ferdinand Céline, circa 1935.

Céline studeerde medicijnen en was dokter toen hij ging schrijven. In de jaren dertig was men nog niet gewend romans te lezen waarin luid tegen de maatschappij werd geageerd.

Hij positioneerde zich later openlijk als anti-semiet en werd daarom als collaborateur veroordeeld. Dankzij zijn boeken mocht hij na jarenlange verbanning in Denemarken weer terugkeren naar Frankrijk.

Ferdinand Bardamu

De hoofdfiguur en alter ego van Céline, Ferdinand Bardamu, reist in dit boek aan het begin van de 20e eeuw door het slijk der aarde.

Alles komt voorbij: een totaal nutteloze Eerste Wereldoorlog, het nationalisme, het kolonialisme in Afrika, de totale armoede in de VS, de uitbuiting van het kapitalisme, de uitzichtloosheid van het bestaan en de domheid van het volk.

Naarmate de roman vordert, ontwikkelt Ferdinand ondanks zijn nihilisme steeds meer mededogen met de arme, hulpeloze mens en krijgt hij meer ontzag voor de liefde. Hij blijft net zo pessimistisch over mensen maar komt af en toe, te midden van alle ellende, ook ontroerende lichtpunten tegen.

Wegbereider

“It could be said that without Céline there would have been no Henry Miller, no Jack Kerouac, no Charles Bukowski, no Beat poets.” John Banville over Louis-Ferdinand Céline.

Het nihilisme van Celine tref je ook aan bij andere schrijvers. Wat hij hen heeft aangereikt is de vorm om dat negatieve, zwarte niets uit te dragen. Bladzij na bladzij zinnen gewone spreektaal aaneengeregen door drie puntjes.

Want in feite is de boodschap van al die kunstenaars in een notedop: het was en is niets, en mensen deugen niet. Om daar een boeiend verhaal van honderden bladzijdes van te maken, is een kunst.

Jacques Tardi

Jacques Tardi (1946) is een beroemd Frans striptekenaar. Hij wordt samen met Moebius beschouwd als een van de grootste vernieuwers van het moderne Europese literaire beeldverhaal.

Zijn tekenstijl wordt gekenmerkt door een combinatie van klare lijn, sterk expressieve zwaarmoedigigheid, en een nostalgisch fotografisch-realistisch decor. Hij heeft veel romans van Céline van tekeningen voorzien.