De GGZ hulp

Per 2014 is de structuur van de geestelijke gezondheidszorg in Nederland opnieuw ingrijpend veranderd. De reden voor deze verandering was simpel: de alsmaar uitdijende geestelijke gezondheidszorg die steeds moeilijker te betalen bleek.

Hieraan ten grondslag lag de in de GGZ heersende opvatting dat, wat het ministerie ook zei, iedereen recht heeft op psychologische hulp en dat daarin geen begrenzingen gelden. Het ministerie dwong in 2013 in gesprek met de sector een stelselwijziging af.

Je hebt nu de POH-GGZ (praktijkondersteuner huisarts ggz), de Generalistische Basiszorg GGZ (eerste lijn ggz), de Gespecialiseerde Zorg GGZ (tweede lijn ggz) en, nergens beschreven maar wel belangrijk, de Alternatieve Zorg (psycho-sociale zorg).

Alle zorg, behalve de Alternatieve Zorg, gaat ten laste van het eigen risico.

POH-GGZ

De PraktijkOndersteuner Huisarts GGZ is in dienst van een of meerdere huisartsen en heeft een dubbele functie: enerzijds filtert en verwijst hij de mensen die met psychische klachten bij de huisarts komen, anderzijds begeleidt hij patiënten met eenvoudige psychische of psycho-sociale klachten.

Tot 2014 vervulden de huisartsen deze filter- en verwijsfunctie maar ze deden dat, uit betrokkenheid en bij gebrek aan een goede kennis van de materie, niet al te best. Het leidde tot grote aantallen cliënten in de tweedelijn ggz die daar niet hoorden maar daar wel behandeld werden.

De POH-GGZ is geschoold in het herkennen en diagnosticeren van psychische stoornissen en zwaardere traumata én het op een juiste manier verwijzen van patiënten met dit soort psychische problemen. Zij verwijzen daarvoor door naar de Generalistische Basiszorg GGZ (eerstelijns) en de Specialistische Zorg GGZ (tweedelijns).

Patiënten met psycho-sociale problemen (bijvoorbeeld burn-out, relatieproblemen) of psychische problemen (milde angstklachten) begeleiden ze of zelf of verwijzen ze door naar psychologische en psycho-sociale hulpverleners die in de Alternatieve Zorg - ook wel Complementaire Zorg of Psycho-sociale Zorg genoemd - werken.

Generalistische Basiszorg GGZ

Ten opzichte van de vroegere eerstelijnszorg is er veel veranderd. Het meest in het oog springend is dat er in de Generalistische Basiszorg GGZ enkel ruimte is voor begeleiding van personen met een echte stoornis of heftig trauma, dat wil zeggen, een probleem dat terug te vinden is in de DSM-IV. Er is geen ruimte voor lichtere psychische klachten.

Verder is de lijst van te behandelen stoornissen en klachten beperkt, evenals de lengte en duur van het behandeltraject. De stoornis moet meteen aan het begin van het traject vastgesteld worden. Ook is er een limitatieve lijst van toegestane vormen van therapie (in 2015 versoepeld).

De Generalistische Basiszorg GGZ is ook verantwoordelijk voor goede nazorg, ondersteuning en terugvalpreventie bij mensen die al behandeld zijn voor een psychische stoornis.

Er wordt enkel door de verzekeraar vergoed wanneer aan tal van administratieve eisen is voldaan. Behandelaars kunnen vrijgevestigde behandelaars zijn of behandelaars in dienst van instituten.

Specialistische Zorg GGZ

De Specialistische Zorg GGZ behandelt personen met zware psychologische klachten en stoornissen. Bijvoorbeeld persoonlijkheidsstoornissen en aangeboren depressiviteit. De Specialistische Zorg GGZ is in feite een uitgeklede versie van wat eerst de tweedelijns ggz was.

De duur van de trajecten is variabel en hangt af van de problematiek. Ook hier geldt dat de lijst van te behandelen stoornissen limitatief is en dat de diagnose meteen aan het begin van het traject moet worden gesteld.

Behandelaars kunnen dezelfden zijn als degenen die Generalistische Basiszorg GGZ verlenen maar uiteraard vind je op dit niveau veel instellingen en dergelijke.

Alternatieve Zorg & GGZ

Voor veel psychische problematieken die eerst op alle niveaus binnen de GGZ begeleid werden, is binnen het huidige stelsel geen plaats meer. Denk bijvoorbeeld aan werkgerelateerde begeleiding (burn-out), rouwverwerking na scheiding of overlijden, en relatieproblemen.

Mensen met dat soort problemen komen in toenemende mate bij begeleiders in de Alternatieve Zorg terecht. Daar is niets mis mee. Veel hulpverleners die onder het oude stelsel in de eerste lijn werken, werken nu in de Alternatieve Zorg. En de vakkundigheid van de hulpverleners die in de Alternatieve Zorg werken, is de laatste jaren stelselmatig toegenomen.

Sfeerimpressie

Wil je een sfeerimpressie over hoe het er tegenwoordig aan toegaat in de reguliere GGZ? Lees het interview met psychotherapeut Masja Schakenbos.

[De GGZ van nu]

Hoe nu verder

De Specialistische Zorg GGZ heeft in 2013 met de minister afgesproken dat ze in de periode 2014 - 2015 zo'n 20 procent minder behandelingen uitvoert en overeenkomstig inkrimpt qua staf en bemensing - dat was ongeveer het percentage behandelingen dat daar niet thuishoorde.

Ook de Generalistische Basiszorg GGZ is qua uren en bemensing aan banden gelegd. Hoewel hulpverleners nog steeds per diagnose / traject betaald worden, geldt tegenwoordig per hulpverlener een omzetplafond per jaar. Alles boven dat plafond krijgt de hulpverlener niet betaald.

Aan de ene kant is er dus al veel veranderd in de ggz, aan de andere kant niet. Zo zetten psychiaters en psychotherapeuten bijvoorbeeld nog steeds als diagnose depressiviteit in het dossier terwijl ze behandelen voor burn-out. De cliënt vindt het goed want voor hem is de behandeling op die manier 'gratis'. Voor de behandelaar is het, hoe betrokken hij ook is, uiteraard extra omzet en inkomen. Maar hoe je het ook wendt of keert: er zijn betere (en goedkopere) hulpverleners denkbaar dan psychiaters en psychotherapeuten om dit soort klachten te behandelen.

Begin 2015 heeft de minister onder meer om die reden opnieuw het vertrouwen in de sector GGZ opgezegd. Benieuwd wat er gaat gebeuren maar meer ruimte voor een eigen invulling van de behandelingen zullen de behandelaars niet krijgen, waarschijnlijk minder.

Daarnaast is er een interessante ontwikkeling gaande die beslist impact zal hebben: de vraag naar begeleiding van een psychotherapeut, psychiater of instelling ggz neemt af. Niet sterk, maar wel aantoonbaar. Veel mensen die hulp zoeken zijn blijkbaar tevreden met de POH-GGZ en de begeleiding die daaraan verbonden is. En wanneer dat niet genoeg is, weten ze de weg te vinden naar andersoortige begeleiding.

POH-GGZ

Ook al is deze wijziging uit nood geboren en moet er nog wat aan gesleuteld worden, toch is de aanstelling van de POH-GGZ als verwijzer in plaats van de huisarts, een goede structuurwijziging.

Op deze wijze wordt er een betere schifting in de vraag naar psychologische zorg gemaakt. Ook wordt nu psycho-sociale hulp op het laagst mogelijke niveau geboden. Naar blijkt appreciëren deze verandering en maken ze er gretig gebruik van. En wat blijkt: vaak vinden ze de POH-GGZ hulp al voldoende en hoeven ze niet naar een psychiater of psychotherapeut.

De enige valkuil is misschien dat de POH-GGZ sector mogelijk aspiraties heeft om zich te ontwikkelen tot een nieuwe volwaardige eerstelijns psychologische hulpverlenerslaag en dat zou jammer zijn.

Alternatieve Zorg

Deze sector is al jaren onwijs sterk in beweging. Dat is ondanks de tegenwerking van de minister maar dankzij het werk van vele beroepsverenigingen en de verzekeraars.

Langzaam maar zeker wordt deze groep van psychologische en sociaal-psychologische hulpvereners omgewerkt tot een sterke sector, opererend op minimaal HBO-niveau en goed uitgerust om begeleiding te bieden bij een breed scala aan psycho-sociale klachten.

Denk bijvoorbeeld aan werkgerelateerde problemen, lichte angstklachten, rouwverwerking en overige psycho-sociale problemen (assertiviteit, relatieproblemen, existentiële zaken).