Psychose & psychotische klachten

Een psychose is een extreme angstreactie op een traumatische ervaring die niet als zodanig erkent of herkend wordt en vervolgens buiten de persoon zelf wordt geprojecteerd. Degene die de psychose krijgt, denkt bijvoorbeeld dat anderen hem achterna zitten of dat stemmen in zijn hoofd hem iets bevelen. Maar in feite zit daar enorme angst voor iets anders onder.

De kern hiervan is dat degene die psychotisch wordt, de angst die hij voelt niet durft te voelen of erkennen. Hij schaamt zich als het ware ervoor en doet daarom alsof de angst er niet is. Maar dat lukt niet, de angst is simpelweg te groot en daarom externaliseert hij het: het is iets ongrijpbaars buiten hem wat hem op de hielen zit.

Een psychose duurt meestal een tot meerdere maanden. De psychose kan vanzelf overgaan maar zeker in de helft van de gevallen gebeurt dat niet. Daarom is het verstandig om altijd begeleiding te zoeken.

Psychose is goed te behandelen

Een psychose is goed te behandelen. Enerzijds kan dat bijna niet zonder tijdelijk gebruik van medicijnen om de heftige angst en bijhorende spanningsverschijnselen tot een werkbaar niveau terug te brengen, anderzijds zijn rust en een inzichtgevende en integrerende begeleiding om anders met jezelf om te gaan ook noodzakelijk.

In het algemeen geldt dat des te vroeger je erbij bent bij een psychose, des te beter de prognose is. En hoe lichter de klachten zijn en des te eerder je erbij bent, des te minder nodig de medicijnen zijn.

Je kunt ook een verwaarloosde psychose hebben. Dit houdt in dat je jezelf over een psychose heen hebt geholpen maar daarvan nog steeds restverschijnselen met je mee draagt, zoals angst voor anderen, sociale angst of angst voor bepaalde situaties, paranoïde gedrag of, bijvoorbeeld, stemmen die je je inbeeldt. Met grote, beperkende gevolgen voor hoe je je leven leidt.

Vooral bij jongeren

Vooral jongeren hebben last van psychotische klachten of krijgen een psychose. Omdat juist zij in een relatief korte periode enorm grote veranderingen in hun leven doormaken. Van puber naar jong-volwassene, van adolescent naar iemand die volledig verantwoordelijk is voor zijn eigen leven.

Jongeren en jongvolwassenen, zeker als ze gevoelig zijn en beschermd zijn opgegroeid, kunnen nogal wat te verstouwen hebben wanneer ze in de adolescentie met van alles op een volwassen manier moeten omgaan. Zoals gaan studeren, op kamers gaan, naar een andere stad verhuizen, omgaan met 'rare' anderen, de eerste baan, seks en relaties, het ontbreken van het bekende vangnet.

Het kan allemaal té overweldigend zijn, dat wat je tegenkomt en wat van je verwacht wordt, terwijl tegelijkertijd 'iedereen' doet alsof het normaal is dat je dit aankunt. Dat je het vanzelfsprekend zonder problemen helemaal foutloos goed zult doet.

Daarbij komt dat 'iedereen' verwacht - tenminste dat denk je - dat je al die grote veranderingen naar je hand zet zonder terug te hoeven vallen op anderen.

Als je aangerand bent geweest, weet je dat dat een zware psychische belasting is en dat daar angst, schaamte en verdriet uit voortkomen. Als je op kamers gaat wonen en volledig afgesneden bent van je oude vertrouwde leven, denk je misschien wel dat je sterk moet zijn en dat angst en onzekerheid 'niet passend' zijn. Jongeren durven vaak niet te onderkennen dat ze ergens moeite mee hebben, dat is niet stoer.

Psychose en schizofrenie

Een psychose is niet hetzelfde als een schizofrene stoornis, hoewel een aantal kenmerken gelijk zijn. In de psychiatrie wordt regelmatig een psychose als schizofrenie gediagnosticeerd, met alle nare gevolgen (verkeerde behandeling, van de regen in de drup, jarenlange stigmatisering) van dien.

Hieronder een deel van een stuk van Jim van Os en anderen over psychose en schizofrenie.

Laten we de diagnose schizofrenie vergeten

Schizofrenie bestaat niet. Ja, u leest het goed. Schizofrenie, dat ten onrechte bekend staat als de ziekte van de ‘gespleten geest’, bestaat niet. Psychose bestaat wel. Zo’n drie procent van de mensen heeft er last van, als adolescent of jongvolwassene. Iemand die psychotisch is, neemt onder invloed van persoonlijke emoties de werkelijkheid zó vertekend waar dat andere mensen hem of haar niet langer begrijpen.

Dat onbegrip zien we vaak ook bij andere psychische aandoeningen, bij depressie of angststoornissen bijvoorbeeld. Alleen, daar staan behandelaars klaar om te helpen. Mensen met psychose gelden als hopeloze gevallen. En dat is flauwekul. Want onderzoek toont juist aan dat mensen met een psychose er meestal weer bovenop komen – met de juiste hulp. Die krijgen ze nu niet, om drie redenen.

Ten eerste hebben we ons dermate veel pessimisme over de toekomst van mensen met psychose aangepraat, dat hoop en herstel niet automatisch centraal staan in de behandeling. Ten tweede zijn behandelingen die aantoonbaar werken, zoals intensieve begeleiding naar opleiding of werk, onvoldoende beschikbaar. En ten derde is er in het huidige ‘diagnose-recept-symptomenlijstje’-systeem van marktwerking in de zorg geen ruimte voor het psychologische proces van herstel.

Omdat mensen met psychose te weinig hulp krijgen, blijven ze nodeloos hangen in een leeg bestaan, verstoken van opleiding en werk, tot ze een vroegtijdige dood sterven. Vroegtijdig ja, want hun leven duurt een vijfde korter dan dat van de gemiddelde Nederlander. Een grove vorm van sociale onrechtvaardigheid.

Om dat te laten stoppen, en om mensen met psychose, hun omgeving en samenleving een reëel beeld te geven, is de website schizofreniebestaatniet.nl gemaakt. Wij willen de term schizofrenie binnen vijf jaar uitbannen en ruimte scheppen voor de volgende uitgangspunten voor behandeling en begeleiding van mensen met psychose:

1 Er is wetenschappelijk gezien geen duidelijk onderscheid te maken tussen psychose en andere ervaringen. Psychose is gewoon te behandelen.

2 Ruim 15 procent van de adolescenten en jongvolwassenen heeft psychotische symptomen, tijdens de normale ontwikkeling. Ze horen stemmen of zijn paranoïde. Bij 80 procent van hen verdwijnen deze symptomen vanzelf.

3 Zo’n 3,5 procent van de mensen heeft zo veel last van psychotische symptomen dat ze hulp moeten zoeken. Hun diagnose is psychosegevoeligheid: hun symptomen zijn onderdeel van een psychotisch syndroom dat er bij elk van hen anders uitziet.

4 Het beloop van psychosegevoeligheid is variabel en onvoorspelbaar. Slechts 20 procent van de mensen die eraan lijden heeft een ongunstige prognose; de meesten herstellen of leren ermee leven.

5 Een psychotische ervaring is vaak een reactie op trauma, tegenslag, teleurstelling, discriminatie of vernedering – de draaglast wordt te zwaar voor het individu.

De dominante zienswijze dat psychose een uiting is van een onderliggende biomedische hersenziekte (schizofrenie), is wetenschappelijk gezien onjuist. Die zienswijze draagt echter wel bij aan negatieve verwachtingen over het herstel en dient dan ook niet centraal te staan in psycho-educatie.

6 De psychiatrie deelt psychosegevoeligheid in in allerlei ‘schizo-diagnosen’ (schizofrenie, schizoaffectief, schizofreniform, etc). Maar iedereen heeft een andere mix van symptomen, en past niet goed in een diagnostisch hokje.

7 Mensen met een psychotisch syndroom moeten vanaf het eerste moment hoop en perspectief krijgen. Herstel is een psychologisch proces. Mensen moeten leren zich aan te passen aan hun psychosegevoeligheid, met ondersteuning van geschoolde ervaringsdeskundigen en, waar nodig, van artsen en therapeuten om dat herstel te ondersteunen.

8 Iedereen met een psychose moet vanaf het allereerste moment toegang krijgen tot een ervaringsdeskundige, die als geen ander kan helpen bij het bieden van hoop en perspectief.

9 De terugkeer naar de eigen omgeving, opleiding en werk staan voorop in het behandelplan. Ook als er nog restsymptomen zijn, kunnen mensen de draad oppakken. De huidige praktijk om te wachten op volledige ‘genezing’ is contraproductief.

10 Iedereen die met een psychose in de ggz komt, moet worden aangemoedigd erover te praten. De inhoud van een psychose moet serieus worden genomen en als betekenisvol worden beschouwd, want die is vaak de sleutel voor onderliggende problemen.

11 Iedereen die last heeft van psychose moet psychotherapie aangeboden krijgen door een therapeut met ervaring in psychose.

12 Antipsychotica kunnen nodig zijn om heftige ervaringen te dempen, maar ze kunnen geen onderliggende biologische abnormaliteit corrigeren. Een antipsychoticum geneest niet.

Jim van Os, W Boevink, RJ van der Gaag, A Beekman, R Vermeiren en R Engels: Schizofrenie bestaat niet, in NRC, 8 maart 2015.

Herkennen van een psychose

Waaraan herken je iemand met een psychose of psychotische klachten? Misschien wel het belangrijkste punt van herkenning is dat die persoon angstig en gestresst overkomt maar net doet alsof hij dat niet is. Verder:

- Stressklachten en slaapproblemen;
- Een combinatie van somberheid, ongerustheid, argwaan en geïrriteerdheid naar anderen;
- Problemen in de sociale omgang en een gebrek aan affectieve relaties;
- Licht gedissocieerd gedrag (uit contact zijn);
- Zich slecht verzorgen en minder soepel bewegen;
- Er niet in slagen om in werk, studie of hobby te presteren wat hij normaal gesproken presteert;
- Onvoorspelbare woede-uitbarstingen;
- Overdag in bed liggen maar 's nachts door het huis spoken of in de stad ronddwalen;
- Op een vreemde manier praten en onlogische gedachtengangen;
- Beweren stemmen te horen of praten met denkbeeldige personen;
- Verhalen ophangen over complotten of geheime organisaties;
- Dreigen zichzelf iets aan te doen;