Existentiële therapie

Existentiële psychotherapie is een typisch Europese vorm van therapie die geënt is op gedachtegoed van filosofen als Sartre, Heidegger, Kierkegaard, Husserl, Buber en Tillich. Binswanger, een Duitse psychiater, was degene die als eerste een vorm van existentiële therapie ontwikkelde. Hij noemde het toen nog Daseinsanalyse, de anlayse van het zijn in de tijd.

Hij deed dit na Wereldoorlog II, onder meer onder invloed van de geschriften van Sartre en Heidegger, en van wat hij in de oorlog gezien had: waartoe mensen in staat zijn, en wat ze hebben te doorstaan en aanvaarden in een leven. De psychotherapie die tot dan gebruikt werd, zo was hij van mening, had daarop geen afdoend antwoord.

In Nederland was EADE Carp, psychiater en later professor in Leiden, een bekend voorvechter van de existentiële filosofie en psychotherapie.

Grote namen binnen de stroming zijn onder meer die van Emmy van Deurzen, Irvin Yalom, Ernesto Spinelli, Mick Cooper en, decennia terug, Rollo May en Binswanger.

De Logotherapie volgens Victor Frankl wordt ook gezien als een vorm van existentiële psychotherapie. Een therapievorm die in de buurt komt is transpersoonlijke counseling.

Vele therapievormen zijn diepgaand beïnvloed door de existentiële therapie en filosofie, in het bijzonder de humanistisch georiënteerde vormen, waaronder de client-centered therapie van Carl Rogers, de gestalttherapie en de transactionele analyse.

Uitgangspunten en begrippen

In existentiële therapie kijk je naar jouw bestaan, hoe dat in elkaar zit en hoe je daar vorm aan gaf, geeft in het hier en nu, en kúnt geven in de toekomst. Je leert zien wat je van je leven maakt op een manier die recht doet aan wat je kunt en wilt, en aan wat het leven vermag.

Je leert over wie je bent, hoe je jezelf ervaart en in de wereld staat. Hoe je je verhoudt - denkt, voelt en doet - tot jezelf én je omgeving. Je leert over de interne conflicten die daarbij ontstaan: bewuste en onbewuste krachten die op tal van niveaus in ons werken en verschillend van aard en lading zijn.

De interne conflicten ontstaan door onze worsteling met (1) onderdrukte angsten en instinctmatige driften - verlangens, seksualiteit, agressie, (2) boodschappen van belangrijke personen, zoals onze ouders, die we ons eigen gemaakt hebben, (3) traumatische ervaringen, en (4) ons geworstel met het zijn, met het bestaan zoals dit zich aan ons voordoet en wij het ervaren.

Belangrijke begrippen binnen de existentiële psychotherapie (en filosofie) zijn onder meer leven en dood, dasein (zijn in het hier en nu), elkaar ontmoeten, interactie, (existentiële) angst, moed, intersubjectiviteit, verantwoordelijkheid nemen voor je leven & vrijheid, zijn wie je wordt.

Existentiële psychotherapie is gegrondvest op enkele fundamentele overwegingen, verwoord in de existentiële filosofie:

- Leven is eindig, onvoorspelbaar, nooit perfect, en in essentie zonder zin.
- Een leven zonder angst is niet mogelijk noch wenselijk; niemand is zonder existentiële angst.
- De mens is geen ding. Je identiteit, je leven en je wereld krijgen hun verschijningsvorm in de interactie met anderen en het andere. In de kern is leven daarom de wijze waarop je je verhoudt tot anderen en het andere.
- In je leven kom je tegenover tal van dilemma's te staan die je enkel door het maken van morele keuzes kunt oplossen. Dat is, je hebt de vrijheid om te kiezen maar je bent er ook toe veroordeeld.
- Door moed te tonen en verantwoordelijkheid te nemen voor je leven - inclusief de keuzes die je hebt te maken - maak je de existentiële angst hanteerbaar en geef je zin aan je leven en je leven leefbaar.

Existentiële filosofie wordt weleens verkeerd begrepen in de zin dat sommigen de eigenheid die bij elk persoon en zijn ideeën over het leven hoort, de intersubjectiviteit, uitleggen als een vrijbrief om te doen wat je wilt in het leven - het maakt immers niet uit wàt je doet,toch? Dit is deze filosofie uitleggen precies zoals ze niet ontwikkeld is. Verantwoordelijkheid nemen voor jezelf, je leven, en leven in het algemeen, staat bij de existentiële filosofie voorop - je bent wie je wordt.

Gelukkig worden

De therapievorm is minder goed bekend dan haar Amerikaanse tegenhangers, die wel veel elementen eruit hebben overgenomen, en die alle min of meer het uitgangspunt hanteren dat je je leven volkomen in eigen hand hebt en enkel de juiste sleutel hoeft te vinden om gelukkig te worden. Hoewel dat laatste waar kan zijn, ligt het zelden zo eenvoudig.

Stel bijvoorbeeld dat je ontslagen bent. Het gaat er dan vooral om dat je dat feit leert accepteren en zodanige actie onderneemt dat je weer werk vindt of iets anders gaat doen. Daarmee geef je je bestaan opnieuw vorm en vind je zin in het leven. Misschien word je gelukkig, misschien niet.

In feite geldt dit ook voor andere zaken, van ongewenst moeder zijn of niet voor jezelf kunnen opkomen, tot kanker hebben of verkracht of mishandeld zijn. Gelukkig worden is minder belangrijk dan zin - vrede, rust - vinden in je leven en vervolgens dat leven zinvol leven.

In wezen bewijzen deze Amerikaanse afleidingen juist door een karikatuur van het leven te maken en het als iets volkomen maakbaars, eigens en unieks voor te stellen, degenen die deze ideeën over het leven navolgen, juist geen dienst. Een leven is maar ten dele maakbaar; je hebt je altijd óók te schikken naar wat je gegeven wordt. Of dat nu oorlog of vrede is, een financiële crisis, een vader die slaat, of een partner die je niet ziet staan. Een regime dat de burgers knecht of opbergt in cellen of, stiekem, 's nachts vermoordt.

Bij welke problemen?

Existentiële therapie of counseling is bij uitstek geschikt voor vraagstukken rondom identiteitsvorming, zingeving, ouder worden, en het leren omgaan met vervelende kanten van jezelf en/of het bestaan.

Ook op het vlak van het verwerven van een breed zelfinzicht, relationele aspecten, en het omgaan met angsten in het algemeen, is het een zeer krachtige therapievorm. Het is ook een therapie die, zo leert de praktijk, dikwijls werkt waar andere gefaald hebben.

Existentiële therapie is minder geschikt om af te komen van duidelijk gekaderde problemen als angst voor spinnen of niet-assertief gedrag. Om de achterliggende oorzaken in kaart te brengen en verdieping aan te brengen, is het dat wel.

Existentieel therapeuten

Er zijn weinig existentieel therapeuten in Nederland. Ook als je degenen die werken met terminaal zieken en de humanistische raadslieden er bij rekent. Wel gebruikt een aantal therapeuten afgeleide vormen en weeft die heen door de begeleiding die ze bieden.

Voor cliënten die 'gehum' gewend zijn, kan het werken met een existentieel therapeut een bijzondere ervaring zijn. Een existentieel therapeut is echt aanwezig, heeft een mening (hoewel hij die niet altijd verkondigt), een brede kijk op het leven, en gaat de dialoog aan. Sterker nog, de dialoog is een van zijn basisgereedschappen.

De beste existentiële therapeuten hebben veel levenservaring en een goed zicht op mensen en hun problemen. Ze zijn over het algemeen wat ouder.

Leeslijst existentiële therapie

Er is nauwelijks Nederlandse literatuur voorhanden over deze therapievorm. De volgende titels bieden tesamen een goed inzicht.

- Existential Therapies, Cooper, Mick, Sage 2003 (eng.).
- Existential Perspectives on Human Issues, Deurzen, Emmy v, Palgrave 2005 (eng.).
- Existential Counselling & Psychotherapy in Practice, Deurzen, Emmy v, Sage 2002 (eng.).
- Practising Existential Psychotherapy, Spinelli, Ernesto, Sage 2007 (eng.).
- Therapie als geschenk, Yalom, Irvin D., Balans 2002.
- Existential Psychotherapy, Yalom, Irvin D., Basic Books 1980 (eng.).
- De zin van het bestaan, over logotherapie, Frankl, Victor, Ad. Donker 1991.

Voor wat betreft enkele sleutelbegrippen binnen de existentiële psychotherapie kun je eventueel de volgende klassiekers van de existentiële filosofie lezen:

- Over Existentiële angst: The courage to be, Tillich, Paul, Yale press 2000.
- Over Ontmoeten: Ik en Jij, Buber, Martin, Bijleveld Press 2003.
- Over het Zijn: Het Zijn en het Niet, Sartre, Jean-Paul, Lemniscaat 2003.
- Over het Zijn in de Tijd: Zijn en Tijd, Heidegger, Martin, SUN 1999.